Afkicken

Wat is afkicken?

Als een verslaafde van zijn verslaving af wil komen door te stoppen met het gebruik dan moet hij ‘afkicken’. Dat is niet zo makkelijk als het misschien klinkt. Een verslaafde kan niet zomaar stoppen met het middel; zijn lichaam en geest zijn gewend aan het gebruik van het middel en hebben tijd nodig om dit langzaam te ontwennen.
Doordat iemand vaak om meerdere redenen verslaafd is, is het belangrijk om in behandeling te gaan binnen de verslavingszorg. Artsen en therapeuten kunnen kijken naar de oorzaken van het probleem dat achter de verslaving ligt en zo kan er een passend behandeltraject worden opgesteld.

Mensen zijn vaak geestelijk en lichamelijk verslaafd aan een middel. Als dit middel niet meer wordt gebruikt dan kunnen er afkickverschijnselen (ook wel ontwenningsverschijnselen) optreden. Niet iedereen heeft van dezelfde verschijnselen last en ook de heftigheid kan verschillen.

Lichamelijke afkickverschijnselen (kunnen) zijn:
– rillen en trillen

– zweten

– verstoorde stofwisseling

– darmkrampen en diarree

– slapeloosheid

– hartkloppingen

– spierpijn en verkramping

– hoofdpijn

– vermoeidheid.

Geestelijke afkickverschijnselen:
Vaak duurt de geestelijke verslaving veel langer dan de lichamelijke verslaving. Iemand is namelijk gewend om zijn problemen te verdringen met het gebruik van een middel en het verlangen naar deze ‘verdoving’ is hardnekkig. Het brein wil graag het prettige gevoel terug dat dit middel hem gaf. Tijdens een behandeltraject moeten nieuwe gedragspatronen worden aangeleerd om met moeilijke emoties om te gaan.

Hoe lang duurt het voordat iemand is afgekickt?

Het is niet te zeggen hoe lang iemand er over doet om van zijn verslaving af te komen. Dit hangt voornamelijk af van iemands interne motivatie om zijn leven voorgoed te willen veranderen. In een verslavingszorginstelling krijgt een verslaafde alle tools aangereikt die hij nodig heeft om clean en nuchter door het leven te gaan. De vraag is alleen of iemand gemotiveerd genoeg is om deze tools in te zetten. Geen enkele behandelaar kan de verslaafde dwingen om beter te willen worden, een verslaafde moet het echt zelf willen.


Welke vormen van behandeling zijn er?

Als iemand in behandeling binnen de de verslavingszorg dan zijn er twee mogelijkheden:

Het is mogelijk om d.m.v. een ambulante behandeling te stoppen, al dan niet onder medische begeleiding. Als de verslaving mild is en de woonsituatie en/of het sociale vangnet stabiel zijn dan is dit een goede optie. Een arts en/of therapeut kan de voortgang van het behandelplan bijhouden terwijl de cliënt in een vertrouwde omgeving nieuwe patronen aanleert. Vaak bestaat een behandeling uit een aantal dagen behandeling per week in de verslavingszorginstelling, maar er wordt wel gewoon thuis geslapen.

De andere mogelijkheid is om met het gebruik te stoppen binnen de veilige omgeving van een kliniek. Dit wordt een klinische behandeling genoemd. Dit gebeurt als er medische complicaties worden verwacht (zoals bij het ontwennen van het gebruik van GHB) of als de verslaving zeer diepgeworteld is in het gedragspatroon van de verslaafde. Ook wordt voor opname gekozen als er angsten zijn voor de emotionele gevolgen van het stoppen met gebruik. Het verslavende middel had namelijk een verdovende functie. Als er vervolgens met het gebruik gestopt wordt dan kan het zijn dat diegene in korte tijd overspoeld wordt door gedachten en gevoelens die eerder onderdrukt werden.
Een klinische behandeling houdt in dat de cliënt ook in de kliniek slaapt en dat er 24 uur per dag iemand aanwezig is. Een ambulante behandeling betekent dus dat iemand overdag in behandeling is, maar ’s avonds en in het weekend wel thuis slaapt.  Soms is het mogelijk een ambulant traject van een aantal gesprekken per week te combineren met een thuisbehandeling. De beslissing over welke vorm het meest geschikt is wordt meestal genomen door alle betrokkenen: verslaafde, omgeving, artsen en therapeuten.